De Eerste Kamer heeft ingestemd met het aangepaste wetsvoorstel over ‘bedrag ineens’. Daarmee is ook besloten dat de regeling op 1 januari 2029 ingaat. Dat geeft deelnemers eindelijk duidelijkheid over het moment dat bedrag ineens kan worden opgenomen. Ook pensioenuitvoerders kunnen zich gaan voorbereiden op de invoering van deze keuze en de ondersteuning van deelnemers.
Door deze regeling kunnen mensen bij pensionering maximaal tien procent van hun opgebouwde ouderdomspensioen in één keer opnemen. Of tien procent van het gehele pensioenvermogen als de partner daarmee instemt.
Lijfrente
Mensen met een lijfrente mogen maximaal tien procent van het lijfrentekapitaal opnemen. Dat biedt ruimte voor een grote uitgave aan het begin van het pensioen, bijvoorbeeld voor het aflossen van een schuld, een verbouwing of een financiële buffer. Daar staat tegenover dat de maandelijkse uitkering daarna lager uitvalt. Juist voor mensen met weinig financiële ruimte kan die keuze veel gevolgen hebben. Een eenmalige opname kan doorwerken in toeslagen of andere inkomensafhankelijke regelingen.
Keuzetool
Pensioenuitvoerders kunnen bij de keuze begeleiden, maar kennen niet iemands volledige financiële situatie. In dat kader is de ontwikkeling van een speciale keuzetool door het Nibud een waardevolle ondersteuning. De Nibud-tool kan deelnemers helpen om de keuze voor bedrag ineens te plaatsen binnen hun bredere financiële situatie en de effecten op belastingheffing en toeslagen beter te overzien.
Voldoende tijd
De afgelopen jaren is de invoering van deze keuze meerdere keren uitgesteld. De langverwachte duidelijkheid over de invoering geeft verzekeraars en premiepensioeninstellingen (PPI’s) voldoende tijd om hun processen, communicatie en keuzebegeleiding aan te passen. Daarmee kunnen zij deelnemers straks tijdig informeren over de mogelijkheden, voorwaarden en gevolgen van het opnemen van een bedrag ineens.
Bron: Verbond van Verzekeraars